Mietke

Dit clavecimbel werd speciaal voor Johan Hofmann gebouwd door Bruce Kennedy. Deze clavecimbelmaker leerde hij kennen in het begin van de jaren negentig toen Kennedy zojuist zijn werkplaats in Amsterdam had geopend. Sinds 1995 vergezelt dit clavecimbel hem op vele concerten.
 

Het instrument werd gebouwd naar voorbeelden van Michael Mietke die in het begin van de achttiende eeuw in Berlijn werkzaam was. Het heeft twee manualen van elk vijf octaven en bezit twee achtvoetregisters en een viervoet. De vrij korte mensuur (de klinkende lengte van een snaar) maakt het geschikt voor een messingbesnaring, dus alsof het een Italiaans clavecimbel betreft . Ook andere bouwdetails versterken de indruk dat Mietke sterk leunde op de Italiaanse traditie. Toch was hij in zijn tijd bekend (berucht?) vanwege het feit dat hij zijn eigen instrumenten voor Franse liet doorgaan! In een van de Franse zeventiende-eeuwse clavecimbelbouwtradities zijn opmerkelijk genoeg precies deze elementen van Mietke (korte mensuur, dubbele gebogen wand) terug te zien, zoals de bewaard gebleven clavecimbels van Gilbert des Ruisseaux en Nicolas Dufour bewijzen. Het is aan te nemen dat Mietke zijn eigen concept hierop baseerde.


Niemand minder dan Johann Sebastian Bach reisde in 1719 naar Berlijn om, in dienst van en in opdracht van de vorst in Köthen, er een twee-manualig clavecimbel van Mietke af te halen. Juist tijdens die periode in Bach's leven werd om veel instrumentale muziek van zijn hand gevraagd: in Köthen componeerde hij ondermeer het eerste deel van "Das Wohltemperierte Clavier" en de Brandenburgse concerten. Precies in de tijd dat het nieuwe hofinstrument arriveerde besloot Bach het vijfde Brandenburgse Concert te bewerken en maakte de versie die we nu kennen, dat wil zeggen, met de lange en beroemde clavecimbelcadens. Het is verleidelijk te denken dat hij zich hiertoe liet inspireren door de komst van het nieuwe instrument.

 

Van Bach is bekend dat hij hield van de smalle toetsen die ook de Mietke heeft en het is niet verwonderlijk dat zijn muziek en die van zijn Duitse tijdgenoten het instrument op het lijf gesneden is. Het origineel, dat zich nog altijd in Berlijn bevindt, was zogezegd de 'dienstfiets' van Carl Phiipp Emanuel Bach. Het is namelijk bekend dat het in een van de koninklijke paleizen stond, en C.Ph.E.Bach was daar jaren lang de hofclavecinist.

Maar ook de declamatorische Franse stijl is buitengewoon geschikt om op dit type instrument te worden gespeeld. Het beschikt over de sublieme eigenschap om in samenspel te versmelten met de andere instrumenten dat het 'begeleidt'. Dit clavecimbel, gebouwd door een van de beste twintigste- / éénentwintigste-eeuwse bouwers, paart evenwichtigheid aan transparantie en projectie aan sombere elegantie.